Struthio americanus

Struthio americanus

Nederlands: Nandoe

Engels: Greater Rhea

Frans: Nandou d'Amérique

Duits: Nandu

Spaans: Ñandú Común


Verspreidingsgebied en ondersoorten

  • Rhea americana americana: Campos of n and e Brazil
  • Rhea americana intermedia: Extreme se Brazil (Rio Grande do Sul) en Uruguay
  • Rhea americana albescens: Plains of Zuid-Argentina  tot Río Negro
  • Rhea americana nobilis: E Paraguay (Oosten van Río Paraguay)

Inleiding

De nandoe (Rhea americana) en de Darwin nandoe (Pterocnemia pennata) zijn de Zuid-Amerikaanse loopvogels. Zij behoren tot de groep van de Ratites, net zoals de grotere Afrikaanse struisvogel en de Australische emoe. Hun volwassen gewicht ligt tussen 25 – 40 kg en rechtstaand bereiken ze soms 1,45 m hoogte. Deze vogels kunnen tot 30 jaar oud worden. Nandoes komen in het wild enkel voor in Zuid-Amerika, maar ze worden wereldwijd gehouden als huisdier en soms ook op grote nandoe-farms.


Huisvestiging

Nandoes worden gehouden op weiland, al dan niet bebost. Vanaf de leeftijd van 3 weken moeten ze beschikken over een buitenbeloop (indien het weer het toelaat). Zorg voor een niet te gladde bodem, ook in de winter bij vriesweer. De omheiningen moeten voorkomen dat de dieren ontsnappen en moeten minstens 1.5 m hoog zijn. De constructie moet veilig zijn, zodat ze zich er niet kunnen aan kwetsen of in geklemd geraken. Best is een sterke, elastische omheining, die ook voor de vogels goed zichtbaar is. Prikkeldraad en elektrische schrikdraad zijn bij wet verboden. De minimum oppervlakte van dit buitenbeloop voor volwassen vogels (>12 maanden) is 450 m² met een minimum per dier van 150 m².

Ze moeten ook steeds vrije toegang hebben tot een binnenhok om zich te kunnen beschermen tegen ongure weersomstandigheden. De hoogte van dit hok is minimum 2 m en moet daglicht binnenlaten. De deuropening moet minstens 1.5 m breed zijn. De minimale oppervlakte zal 20 m² zijn met een minimum oppervlakte per dier van 2.5 m² (voor dieren van 12 maanden of ouder). Geen enkele loopvogel mag individueel gehouden worden. Agressie tussen de dieren moet zoveel mogelijk vermeden worden. Nandoes moeten kunnen beschikken over een zandbad en schaduw.


Voeding

Nandoes gelijken uiterlijk sterk op struisvogels, maar hun darmstelsel is licht verschillend. Commerciële voeding voor nandoes is zelden verkrijgbaar. Voorzie daarom deze vogels best van een mengeling van 1/3 kalkoenkorrel (zonder chemische toevoegsels) + 2/3 struisvogelkorrel. Naast dit basisvoedsel eten ze ook nog wat planten zoals grassen en kruiden, evenals insecten en fruit. Drinkwater moet steeds ter beschikking zijn. Loopvogels hebben geen tanden en geen krop. Daarom hebben ze reeds vanaf de eerste levensdagen maagkiezel nodig. Dit zijn echte steentjes (geen kalk !) die ter beschikking moeten gesteld worden. De grootte van de grootste teennagel van de vogel vormt een goede maatstaf voor de gemiddelde grootte van de maagsteentjes.

De grootte en het aantal van de voederbakken en drinkplaatsen moet voldoende zijn opdat alle vogels gelijktijdig kunnen eten en drinken.


Broedvogels

Broedrijpe nandoes kunnen in paren, per trio of in grotere groepen gehouden worden. De haan is zwaarder gebouwd dan de hen. Nandoes worden geslachtsrijp in hun 2° of 3° levensjaar. Ze broeden in onze lente en zomermaanden.


Broeden

Natuurlijk broeden lukt bij deze loopvogelsoort vrij goed in ons klimaat. De hen legt licht-beige eieren met een gemiddeld gewicht van 400 à 800 g. Enkel de haan broedt de eieren uit en zorgt voor de kuikens. Betere resultaten worden verkregen bij het kunstmatig uitbroeden van de eieren in de broeierij. Nandoe -eieren moeten 36 dagen bebroed worden aan een temperatuur van 37.0 °C en een relatieve vochtigheidsgraad van 60 %. Professioneel uitbroeden van eieren is een vak apart.


Kuikens

De kuikens zijn nestvlieders. Zij lopen reeds rond, zeer snel na het uitkippen. Kuikens tot 3 maand ouderdom mogen niet met meer dan 30 dieren in groep gehouden worden. De minimum oppervlakte van het binnenverblijf voor kuikens tot 1 maand is 5 m², met een minimum van 0.35 m² per kuiken. Voor kuikens van 1 tot 3 maand is dit respectievelijk 10 m² en 0.75 m², voor kuikens van 3 tot 12 m, 20 m² en 1.5 m².

Ze moeten over een buitenbeloop beschikken vanaf de leeftijd van 1 maand. De oppervlakte is minimum 25 m² met een minimum van 5 m² per dier tot de leeftijd van 3 maand. Daarna tot 12 m wordt dat 350 m² met een minimum van 125 m² per dier. Succesvol kuikens opfokken is niet zo eenvoudig. Jonge kuikens hebben behoefte aan warmte, natuurlijk daglicht, frisse zuurstofrijke lucht en veel bewegingsruimte op een niet-gladde bodem. Aangepaste kuikenvoeding wordt zo vlug mogelijk na het uitkippen verstrekt, evenals proper drinkwater. Beiden ad libitum


Wetgeving

In de wet op het dierenwelzijn (KB van 4 / 03 /2005) werden ook nandoes opgenomen. Alle afmetingen van hokken en buitenbelopen, evenals alle andere adviezen in deze folder zijn in overeenstemming met deze wetgeving.

Vooral de preventieve diergeneeskunde is bij alle loopvogels belangrijk.  Voorkomen is beter dan genezen !  Met preventie bedoelen wij niet zozeer vaccinaties en preventieve behandelingen, maar wel het scheppen van een gunstige leefruimte voor de dieren, een goed ‘management’.  Gelukkige dieren zijn gezonde dieren.

Vaccineren (bijvoorbeeld tegen NCD) doen we meestal enkel als er gevaar dreigt of als het wettelijk verplicht is.  Ook ontwormen is bij deze diersoort niet altijd nodig.  Het hangt af van het bedrijf.  Laat best eerst uw dierenarts een meststaal onderzoeken op wormeieren vooraleer te ontwormen.  Dit is goedkoper, gemakkelijker en gezonder.

Is uw dier toch ziek of gewond, wees dan zeer voorzichtig met geneesmiddelen.  Sommige antibiotica en andere geneesmiddelen zijn dodelijk voor loopvogels.  Ook bijna alle insecticiden en pesticiden zijn levensgevaarlijk.

Een ziek dier moet eerst door een dierenarts onderzocht worden zodat er een juiste  diagnose kan gesteld worden en dan pas kan men een behandeling starten.


Taxonomische status

Soort status: full species

Ondersoorten: 

  • Rhea americana americana
  • Rhea americana intermedia
  • Rhea americana albescens
  • Rhea americana nobilis

TSN: 174379