Chloephaga rubidiceps

Chloephaga rubidiceps

Nederlands: Roodkopgans

Engels: Ruddy-headed Goose

Frans: Bernache à téte rousse 

Duits: Rotkopfgans

Spaans: Cauquén colorado 

 


Taxonomische status

Soort status: full species

Ondersoorten: geen

TSN:  175208


Verspreidingsgebied

De roodkopgans broedde - jammer genoeg is dit weerom verleden tijd - in het zuiden van Argentinië van Santa Cruz tot het uiterste zuiden van Zuid-Amerika in Tierra del Fuego en op de Falklandeilanden. Nu is de populatie op het vasteland van Zuid-Amerika op sterven na dood. Men schat het aantal op minder dan 300 en men denkt zelfs dat ze weldra zelfs geheel verdwenen zullen zijn. Wat nog rest is de populatie van de Falklandeilanden.

De vroegere populatie van het vasteland verliet de broedgebieden en trok noordwaarts en naar de kust toe.

De restpopulatie van de Falklandeilanden is sedentair niettegenstaande de barre weersomstandigheden in de winter.


Beschrijving

De roodkopgans is de kleinste van de spiegelganzen. Het vrouwtje is een weinig kleiner en weegt iets minder. De verschillen qua afmeting zijn echter niet doorslaggevend voor het bepalen van de sekse, want daarvoor zijn ze te miniem, en een wat uit de kluiten gewassen vrouwtje zou dan vlug als een gent beschouwd worden.

De kop en hals zijn warmbruin; de borst en flanken zijn fijn zwart gestreept op een eerder buffkleurige ondergrond. Naar de staart toe gaat de buik over in kaneelbruin tot op de onderstaartdekveren.

De mantel en vleugeldekveren zijn grijsbruin. De romp en staart zijn zwart. De grote slagpennen zijn dofzwart en de rest van de vleugel is zoals bij alle spiegelganzen wit met uitzondering van de voorste kleine slagpennen, die groenglanzend zijn en de zogenaamde spiegel vormen.

De snavel is zwart; de poten en voeten zijn oranjegeel met naar de voeten toe soms wat zwarte spikkels.

Juveniele roodkop ganzen tot de leeftijd van ongeveer 1 jaar verschillen zeer weinig van volwassen vogels en missen de groenglanzende kleine slagpennen.

Alle kuikens van spiegelganzen hebben dat typische patroon: zeer Iichtgrijs met zwart.


Biotoop en voedsel

Roodkopganzen hebben een voorkeur voor een open landschap in de nabijheid van de kust of van moerassen. Niettegenstaande het feit dat ze in de onmiddellijke nabijheid van water vertoeven, verkiezen ze toch de hoger gelegen en drogere gronden. Hier treft men ze vaak aan in gezelschap van Magelhaenganzen.

Hun voedsel is uitsluitend plantaardig en bestaat uit diverse grassoorten, stengels en zaden van verschillende planten. Karakteristiek is dat ze een voorkeur hebben voor kleinere plantjes, die ze uit de grond rukken en in hun geheel opeten in plaats van het afgrazen van de planten.


Gedrag en broeden

Het broedseizoen van deze soort begint op het einde van september en duurt tot begin november. De nesten liggen verscholen tussen de hoge grassoorten (ongeveer 1 m hoog), biezen en soms zelfs in de holen van Magelhaen-pinguïns. Op dezelfde plaatsen nestelt 'eveneens de Magelhaengans, doch de nesten van de roodkopgans zijn te herkennen aan het kaneelkleurige dons.

Een legsel bestaat uit 5-8 eieren en wordt in ongeveer 30 dagen uitgebroed door het vrouwtje. De gent blijft niet steeds in de onmiddellijke omgeving van het nest maar is vaak te vinden op het dichtstbijzijnde meer of waterplas, soms op een aanzienlijke afstand van het nest.

Voor en in het broedseizoen zijn ze bijzonder agressief. Ze verdedigen hun territorium tot het uiterste. Zelfs veel grotere soorten worden aangevallen. Met licht geopende vleugels, waarbij de witte vleugels extra opvallen, rennen ze naar hun tegenstander toe en delen rake klappen uit met de vleugels onder het uiten van een schriI geluid.

Hun balts is eigenlijk maar een uiting van agressief gedrag. De gent staat opgericht met de borst vooruit en de hals gestrekt naar achteren. De vleugels zijn iets uitgespreid zodat het wit goed zichtbaar is. Ondertussen fluit de gent herhaaldelijk.

Ook de gans neemt deze houding aan maar minder uitgesproken en antwoordt op het fluiten van de gent.


Statuut

De roodkopgans behoort jammer genoeg tot de bedreigde watervogelsoorten. Zij leefden op het vasteland van Zuid-Amerika vooral in de nabijheid van "farms" op de drogere gebieden. Door het bevuilen met uitwerpselen van het gras dat de boeren voor hun veestapel hadden voorzien, werden zij als erg schadelijk wild gecatalogeerd, en ongenadig afgeschoten; ook de nesten werden vernietigd. Dit alles heeft ertoe geleid dat de roodkopgans nagenoeg is uitgestorven op het vasteland, als het ondertussen nog niet gebeurd is.

De populatie op de Falklandeilanden is een beter lot beschoren. Hun aantallen daar worden nog op ongeveer 40.000 geschat en blijven stabiel.

De bevolkingsdruk is er minder en er wordt ook geen jacht gemaakt op deze ganzen.

Bij watervogelliefhebbers is de roodkopgans minder vertegenwoordigd dan de grijskopgans, althans op het continent, want in Engeland is het eerder omgekeerd en is de grijskopgans schaars in collecties.

Hun agressiviteit heeft ertoe geleid dat vele liefhebbers, die deze soort niet afzonderIijk kunnen huisvesten, deze spiegelganzen niet meer in hun collectie houden, niettegenstaande hun vele goede eigenschappen zoals gehardheid, gemakkelijke kweek, enz. Hun mooi verenkleed heeft het helaas niet gehaald van hun agressiviteit.


Bijzonderheden

Orde: Anseriformes

Familie: Anatidae

Subfamilie: Anatinae

Genus: Tadornini

Status in de natuur: normaal

Soort Spiegelgans

GENT

Eclipskleed: neen

Lengte: +/-52 cm

Geslachtsrijp: 3 jaar

GANS

Lengte: +/- 45 cm

Geslachtsrijp: 3 jaar

Legperiode: eind maart - mei

Broedgewoonte: dichte vegetatie, grondbroeder, open nestbak

Ei

Afm. bxh (mm x mm): 65 x48 mm

Kleurcréme:

Textuur:

Aantal/nest: 5 -8 eieren

Broedduur: 30 dagen

nalegsel: mogelijk

Vliegvlug: 60 à 80 dagen

Klimaat: winterhard

Ringmaat: 14 mm

Cites vogel: neen

Europese vogel: neen


Kweekverslag

 

Kweekverslag roodkopgans, Wesley Govaerts

In 2008 kocht ik mij een koppel roodkopganzen van 2003. Het vrouwtje heeft wel een kleine handicap namelijk dat ze mank loopt. Dat is fel te zien als ze doorgezakt is van de eieren maar ik maakte hier geen probleem uit en ze kan hier redelijk goed mee leven. Normaal ben ik niet voor het aankopen van oudere koppels maar omdat de jongen er nog bijliepen heb ik ze toch genomen. Het enige wat moest gebeuren is totale afscherming. Ze mochten absoluut geen andere ganzen of eenden zien want anders werd er niets anders gedaan dan tegen de draad gelopen. Tegen mensen zijn ze niet agressief ook niet als ze eieren hebben alleen als je aan hun jongen komt dan valt het mannetje aan.

Zo gingen ze hier hun eerste winter tegemoet ik had gelezen dat jonge dieren minder tegen de koude konden dan oudere dieren dus was ik wel gerust dat er niets mis ging gaan. In maart 2009 was ik elke dag aan het uitkijken tot ze zou gaan leggen want ik zag ze elke dag dikker en dikker worden en dat was al een goed teken. De vorige eigenaar zij me dat ze eind maart begon en ja hoor 31 maart lag het eerste ei er, onder een afdakje dat ik voor ze had gemaakt. Ze legde om de andere dag. In die tijd vroor het nog wel eens tot onder het vriespunt 0° of -1° dus ik was wel bezorgd dat de eieren konden bevriezen maar toch liet ik ze liggen omdat ik ze zelf wou laten broeden en kunsteieren van dat formaat had ik niet. Toen ze 5 eieren had gelegd begon ze te broeden en na 10 heb ik ze voor de eerste keer geschouwd toen ze een broedpauze nam. 3 van de 5 waren goed op het eerste zicht dat vond ik al mooi. Na 2 weken heb ik ze nog eens geschouwd en toen waren er nog maar 2 goed en na 30 dagen had ze 2 mooi jongen onder haar zitten. Ik dacht dat ze zou aanvallen of weglopen maar naar het einde van de broedperiode bleef ze zitten en ik kon ze gewoon omhoogtillen zonder dat ze er problemen van maakten. Na enkel uren zetten ik beide ouders met hun 2 jongen in een beschermd stalletje omdat ik niet wou dat er iets met ze zou gebeuren. Na 2 dagen lag er al 1 jong dood een zware teleurstelling. Na 2 weken mochten de ouders en hun overgebleven jong terug naar hun perk beide ouders hebben er voortreffelijk voor gezorgd en ik was niet bang dat er roofdieren aan zouden komen alleen jammer dat het een schuw gansje was vanwege de natuurbroed maar niets is zo mooi als de jongen bij hun natuurlijke ouders te zien. Het jong groeide op tot een mooie vrouwelijke roodkopgans.

De winter van 2009 op 2010 was zeer streng maar het koppel heeft deze zeer goed doorstaan. Ik hoopte dat de kweek van 2010 wat beter ging zijn dan het voorgaande jaar. Zoals voorspeld legde ze weer einde maart. Ik geloof wel een week later rond 6-7 april nu waarschijnlijk vanwege de lange winter. Ook toen ze nu legde vroor het nog, zelfs harder. Ik heb toen na het 3de ei ze even weggehaald maar niet voor lang. Ze heeft weer 5 eieren gelegd en ik was ervan overtuigd dat ze bevrucht gingen zijn want ik heb het koppel namelijk betrapt toen ze aan het paren waren. Na 10 dagen heb ik de eieren geschouwd en tot mijn grote teleurstelling was maar 1 ei bevrucht van de 5. Ik dacht het herhaald zich weer (zucht). Ik heb het ene ei toen terug gelegd maar ik dacht kom ze gaat niet broeden op 1 ei dat is de moeite niet al vond ik het vreselijk haar van haar nest te moeten verjagen. Ik had net een nieuwe broedmachine maar ik kende deze nog niet goed. Ik heb toen het ei daar ingelegd maar niet met de veronderstelling dat het ging uitkomen. Het ei is dan ook helaas afgestorven. Ik dacht oké dit was het voor dit jaar maar tot grote verbazing werd ze weer dikker en na 2 weken is ze opnieuw begonnen met leggen. Ze legde dit keer 6 eieren het was nu rond eind april dus ze konden niet meer bevroren zijn. Na 10 dagen kon ik ze weer schouwen en raar maar waar er was maar weer 1 ei bevrucht. Dit keer heb ik het maar laten liggen en na 30 dagen ging ik kijken en er zat een mooi donzig kuiken onder haar. Weer heb ik ze in een afgeschermd perkje gezet tot het jong degelijk kon lopen, eten en drinken. Dit keer heb ik ze een week of 2 vroeger naar hun oorspronkelijke perk gebracht. Beide ouders hebben weer hun jong zeer goed opgevoed en weer is het gansje uitgegroeid tot een mooie vrouwelijk roodkopgans.

Wat 2011 brengt is nog een raadsel. Ik heb het koppel naar een nieuw perk gebracht met een andere vijver, broedplaats enz..want waar ligt het probleem? Het perk? De vijver? Zou mijn koppel te verwant zijn? (normaal zijn ze onverwant gekocht geweest). Het weer?

Ik hoop dat het anders gaat zijn dan de 2 voorgaande jaren en dat ik eens een mooi nestje van 4 of 5 ga hebben van deze prachtige ganzen. Ik kan ze zeker aanbevelen ondanks dat ze toch agressief kunnen zijn tegenover andere watervogels.

W. Govaerts


Video's