Tragopan caboti

 

Nederlands: Cabot Tragopaan

Engels: Cabots Tragopan

Frans Tragopan de Cabot

Duits: Cabottragopan

Spaans: Tragopán Chino

 


 


Taxonomische status

Soort status: full subspecies

Ondersoorten: geen

TSN: 176072


Verspreidingsgebied

 

verspreidingsgebied cabot.PNG

China


Beschrijving haan & hen

De haan is overwegend zwart en oranje. De kop is zwart en de gezichtshuid kleurt geel-oranje. De keellap is geel met blauwe en paarse vlekken. Het lichaam is overwegende geel-bruin. De poten zijn roos-grijs kleurig.
 

Beschrijving hen

De hen is zwart-bruin van kleur met driehoekige witte tekeningen.


Biotoop en voedsel in de vrije natuur


Gedrag


Huisvesting

Tragopanen zijn zeer harde dieren, dit is het gevolg van hun leefgebied, de meeste leven tussen de 2000 en 4000m. De cabot maakt hier een uitzondering op en leeft betrekkelijk laag, doch is hij ook winterhard.

Een volière dient bijgevolg zelfs geen nachthok te hebben, een schuilplaats tegen de regen is voldoende. Let wel op dat uw voeding droog blijft zodat er geen schimmel verzuring ontstaat of de korrel aan elkaar gaat klitten. Nog een pluspunt van geen nachthok, de buren hebben veel minder argumenten (stedenbouwkundig) om de volière te laten afbreken. De minimum afmetingen zijn 2m x 7m x 2m hoog. Je dient er wel voor te zorgen dat de haan de hen niet in het nauw kan drijven want als de hen nog niet rijp is om te paren en ze zo zou doden bij het afwijzen van de partner. Zonder obstakel in de volière zal de haan moeilijk of niet aan zijn baltsritueel beginnen. Voorbeelden van obstakels zijn bvb. een dikke boomstronk plat of rechtop, een grote natuursteen, een betonblok of zeer dichte bamboe. Begroeiing is een pluspunt, kies dan wel voor snelgroeiende planten die niet al te giftig zijn. Voorbeelden: vlier, laurier, bamboe, ... Onze dieren bezien dit ook als groenvoer. Zitstokken zijn ook een must. De bodem kan bestaan uit gewoon zand ( hygiëne is een must), betonnen vloeren zijn uit den boze. een laag zeezand aanbrengen kan ook, maar geen rivierzand, de korreltjes zijn te scherp en de poten kunnen kloven. Het is aan te raden om voor de eerste verticale meter zeker metaalgaas te gebruiken (ongedierte). Synthetische netten werken daarentegen heel proper en bij plotseling schrikken of dreigende gevaar en opvliegen kwetsen ze zich niet, dus ideaal voor het dak. deze netten kan men in de vakhandel kopen op de rol of op maat gemaakt. Indien je veel last hebt van ongedierte (marter, bunzing, vos) ben je genoodzaakt om schrikdraad te installeren. Geen systeem is waterdicht. een stuk draad of een steen in de grond is dan ook geen luxe.


Voeding in volièremilieu

In de winter moeten we erop toekijken dat de dieren niet vervetten. Als de dieren te vet zitten dan kan er wel iets mis lopen tijdens de kweek (vette dieren bevruchten slecht & legnood is ook mogelijk met in het ergste geval de dood tot gevolg).

Voor het opkweken van kuikens kan je de eerste week opfokkorrel gebruiken met een verhoogd eiwitgehalte. Vanaf de tweede week kan je kleine stukjes groenvoer bijgeven. De derde week is het aan te raden om het eiwitgehalte in de voeding te beperken. Een te snel groeiend kuiken kan leiden tot vervorming van de tenen tot poten toe. Het is namelijk zo, als de kuikens te snel groeien trekken de spieren de tenen scheef of zelf de benen uit de gewrichten en dit komt omdat de spieren de groeisnelheid niet kunnen bijhouden.

Wat nuttig is om weten een tragopan eet niet steeds evenveel, er zijn momenten dat ze bijna niets eten en momenten dat je de eetbakken zienderogen ziet dalen in niveau. Het is best mogelijk als je van eten verandert (een merk verdwijnt van de Belgische markt) dat de tragopanen het niet lusten een ook niet willen eten. Met het vorige in het achterhoofd is het van het grootste belang dat je goed opvolgt of ze het nieuwe eten wel eten, als ze er niet van eten zonder dat je dit merkt zie je soms een dier dik zitten en je hebt niet het minste vermoeden wat de oorzaak kan zijn. Het dik zitten zie je pas 2 weken a 3 weken later.


Kweekverslag

Na een aantal jaren satyrs houden en kweken (natuurbroed) heeft mijn vader de ruime volière, die goed beplant is, in tweeën gedeeld. Deze volières zijn nu 12 m groot met een klein nachthok waar ze altijd in en uit kunnen als ze willen. Hierin worden ze ook gevoerd en staat hun drinkwater. Op ongeveer 1,50 m hoog hangt een rieten mand met dennennaalden als nestmateriaal. Deze tweede volière werd bevolkt met twee onverwante Cabot-tragopanen, die bij twee verschillende liefhebbers aangeschaft werden. De vogels werden in het najaar van 2005 opgehaald en in hun nieuwe verblijf losgelaten. Het zijn echt rustige vogels, geen gefladder en geren, toen ze uit de doos gelaten werden. Ze waren allebei ongeveer even groot, maar nog niet helemaal volgroeid. De haan had wel al wat oranje veertjes.

De winter was niet erg koud, dus hadden we geen problemen. Als voer krijgen ze Kasper onderhoud voor fazanten, aangevuld met diepgevroren lijsterbes, rozenbottel, muur, brandnetel en paardenbloem. Appels werden half doorgesneden als bezigheidstherapie

In mei 2006 legde de hen vier eieren, zo maar ergens verspreid op de grond. Ik heb ze toch maar in de broedmachine gelegd, en na een week geschouwd. Wat ik al vermoedde was waar, alle vier onbevrucht. Maar in ieder geval had ik een hen die legde. Na de rui was de haan schitterend op kleur gekomen en de winter 2006/2007 was, op een nachtvorst je na, helemaal geen probleem.

Eind maart, begin april begon de satyr al te leggen. Die eieren gingen de Grumbach in en werden na een week geschouwd. Alle vier onbevrucht. Ook de Cabot was ondertussen begonnen te leggen, deze keer in de mand. Resultaat: vier lichtbruin gekleurde eieren met donkerbruine spikkels. De hen keek echter niet naar de eieren om, dus gingen ze ook in de broedmachine, maar helaas, na schouwen bleken ze ook onbevrucht.

Na ca 14 dagen legde de saryrhen weer drie eieren in een hoekje in het nachthok en begon zelf te broeden. We hebben deze eieren voor alle zekerheid toch maar in de broedmachine gelegd. Ook de Cabot had voor de tweede keer gelegd, maar wilde weer niet zelf broeden. De eieren gingen dus ook maar in de broedmachine. Na een week bleken de eieren helaas weer niet bevrucht. Hoe kan dat nu? Het slechte weer, of zijn de hanen nog niet in topconditie?

In de eerste week van mei zag mijn vader dat de satyr zelf zat te broeden en we hebben gewoon maar afgewacht wat er van zou komen. Na 30 dagen kwam ze tevoorschijn met 3 kuikens, waarvan jammer genoeg 1 sneuvelde, waarschjnlijk door het slechte weer. Ongeveer 100 mm neerslag in 3 dagen.

De Cabothen had ondertussen voor de derde keer vier eieren gelegd, die weer in de broedmachine gingen. Ik dacht dat ze wel weer onbevrucht zouden zijn, maar wie schetst mijn verbazing na het schouwen. Alle vier bevrucht, zelfs het ei dat ik wat gelijmd had met nagellak. Maar helaas was dit na ca. 10 dagen afgestorven. Tijdens het uitkomen bleef er jammer genoeg nog één in de dop achter.

Met twee prachtige Cabotkuikens was ik al heel blij. Ze werden na een paar uur drogen in de opfokbak gezet onder een lampje van 40 W. De tweede dag kregen ze een schaaltje met wat gemalen kalkoenkorrel. Ook strooide ik hiervan ook wat onder de lamp. Drinkwater krijgen ze in een plat schoteltje. Daarbij geef ik ze wat fijn geknipte brandnetel en paardenbloem.

Als ze daarin wat beginnen rondscharrelen en pikken, wordt er gelijktijdig wat korrel mee opgepikt. Na een week lag er 's morgens plotseling eentje dood. Hoe kan dat nou? Het is altijd wat met die bijzondere soorten. Maar ja, ik heb bij het overgebleven jong toen maar een spiegeltje opgehangen. Zo voelde het zich niet helemaal alleen, en het groeide verder voorspoedig op. Ik heb nadien het jong overgeplaatst in een stenen nachthok. Als bodembedekking heb ik er grof zand en wat graszoden in gelegd. Verder wat grote groene takken van een vlierstruik en een wilg waar het jong op kon zitten of bladeren afpikken. Als aanvulling bij het voedsel gaf ik vlier, lijsterbes, zwarte, en rode bessen. Verder stukken appel, aardbeien en frambozen. Op 1 augustus heb ik hem geringd en ik zal er te zijner tijd een partner bij zoeken om een tweede koppel te vormen.

De satyrs hebben hun twee jongen zelf grootgebracht, want gelukkig waren de eieren van de derde ronde satyrs wel bevrucht, en had mijn vader in totaal toch nog drie jonge tragopanen.

 


Foto's

 


Video's