Gallus Lafayetii

lafayettehoender.jpg

Nederlands: Lafayettehoen

Engels: Ceylon Junglefowl

Frans: Coq de Lafayette

Duits: Ceylonhuhn

Spaans: Gallo de Ceilán

Italiaans: Gallo di Sri Lanka


Taxonomische status

 Soort status: full species

Ondersoorten: /

TSN: 553881


Verspreidingsgebied

verspreidingsgebied lafayette.PNG

De “Gele Kamhoenders” of “Gallus lafayetii” leven enkel op het eiland Sri Lanka.  Zij zijn niet toevallig het nationale symbool van Sri Lanka. 


Beschrijving

De hanen zijn spectaculair qua kleur en bevedering.

            Met hun stijl opstaande fijn-getande roodgele kam, hun rood gezicht met gele ogen, hun rode loopbenen, hun staalblauwe bef, hun geel halsbehang, hun oranje rug- en borstveren en een hoogglanzende staalblauwe staartpartij zijn de hanen sieraden in de volières.  De donkere schachtstrepen van hals- en rugveren en de gesloten staartpartij accentueren het slanke lijf.  De haan heeft rode loopbenen en de hen gele, net zoals de Gallus Sonneratii.

De hen is op de rug vaal grijs-bruin gepeperd met lichte schachtstreep.  De borst en buik zijn vaal dubbel gezoomd.  Dus een perfecte schutkleur bij het broeden.  Buiten het broedseizoen ontbreken de kopversierselen bij de hen. 

 


Biotoop en voedsel

Sonnerathoenders en Lafayettehoenders komen zowel voor in de tropische jungle en bamboebossen, alsmede rondom de rijstvelden en de civilisatie.

Voeding in het wild: Wilde kamhoenders kennen een gevarieerd voedselpatroon. Zo eten ze diverse soorten graszaden, bamboezaden, maar ondermeer ook zaden van Trichosanthes, Rubus, Carissa, Shorea, bessen, vruchten (o.a. Euphorbiaceae, Vitex pubescens en Streblus cispen), kleine blaadjes en knoppen. In de buurt van de civilisatie doen ze zich ook veelvuldig tegoed aan rijstzaden (Oryza), mais, bonen en tapiocaknollen (Maniok). Ook eten ze diverse soorten insecten zoals kevers, sprinkhanen, mieren, termieten (evenals termieteneieren), larven en rupsen, maar ook andere geleedpotigen als spinnen. Eveneens staan wormen, en kleine hagedissen op het menu.

Voeding in gevangenschap: De in de handel zijnde commerciële voeders (pellets) voor fazanten en / of kippen voldoen goed. Echter, het is aan te bevelen om wilde kamhoenders te voeren met speciaal voor fazanten ontwikkeld voer. Dit voer is immers afgestemd op de specifieke behoefte van fazantachtigen. De behoefte van wilde hoenderachtigen aan eiwitten, vitaminen en mineralen blijkt namelijk hoger te liggen dan bij legkippen. Het is dan ook aan te bevelen om de wilde kamhoenders te voeren met speciaal voor fazanten ontwikkeld voer.

Naast pellets kan men de dieren een graanmengsel en groenvoer, zoals groente en fruit, bijvoeren. De dierlijke eiwitten zouden kunnen worden aangevuld met meelwormen. Het bijvoeren van de dieren is nuttig omdat de dieren hierdoor een groter scala aan voedingselementen krijgen aangeboden. Echter, uiteraard geldt bijvoeren met mate! Te veel aan bijvoer zal leiden tot een onevenwichtige voeding, met alle gevolgen van dien.

Naast pellets en bijvoer is ook grit en maagkiezel van belang. Grit is een belangrijke leverancier van de benodigde mineralen, met name kalk. Maagkiezel hebben de dieren nodig voor het vermalen van het voer. Kamhoenders hebben immers geen tanden. Het vermalen van het voer vindt in de spiermaag plaats.

De kuikens van de wilde kamhoenders dienen te worden gevoerd met opfokmeel, althans de eerste weken (duur afhankelijk van de voedingsfabrikant). Daarna kan men overgaan op opfokpellets. Ook hier geldt dat men het best kan kiezen voor voer dat speciaal voor fazantachtige is ontwikkeld. Het is aan te bevelen om de kuikens bij te voeren met meelwormen. Dit is gunstig omdat de kuikens tijdens de groeifase extra eiwitten nodig hebben voor de opbouw van hun lichaam.

 


Gedrag

In hun natuurlijke omgeving lijken het relatief rustige vogels te zijn en menig natuurtoerist komt de dieren op zijn wandeling tegen.

 


Statuut

De overheid van Sri Lanka neemt nu effectieve beschermingsmaatregelen en wil vooral controle krijgen op de handel in deze dieren.

De zeldzame importen van Gele Kamhoenders, zijn oorzaak dat deze soort in onze volières veel last heeft van inteeltverschijnselen.  De dieren die te koop zijn bij liefhebbers, zijn van wisselende kwaliteit, waardoor de sierwaarde vaak minder is dan de in het wild voorkomende dieren.  Een beter stamboekbeheer is wenselijk om de soort hier in stand te houden, want de basis voor onze liefhebberij is niet breed. 


Ziekten

Vooral jonge dieren zijn koude gevoelig.  Het bestand aan gele kamhoenders is niet erg groot.  Inteeltverschijnselen waarbij de kopversieringen minder sierlijk zijn is vaak een probleem.

Ziekten die voortkomen uit huisvestingsproblemen, voedingsproblemen en infecties zijn talrijk. Het is van groot belang om de samenhang van huisvesting, verzorging, voeding, hygiëne en ziektepreventie te kennen. Al deze genoemde aspecten dragen bij aan een goede gezondheid en aan het welzijn van de kamhoenders. Overigens verschillen wilde kamhoenders als het gaat om ziekten, niet of nauwelijks van huishoenders.

Een goede gezondheid begint dus met een goede huisvesting, een goede verzorging, de juiste voeding en met hygiëne. Daarnaast kunnen een aantal ziekten worden voorkomen door het hanteren van een goed ziektepreventieschema. Door de EJFG wordt het volgende schema gehanteerd:

ZiekteProductFrequentie

Marek HVT-vaccin Eénmalig (eerste levensdag)

Cocidiose Opfokvoer met anti-coccidiosemiddel Eén keer mestonderzoek (twee tot vier weken na overschakeling op voer zonder anti-coccidiosemiddel)

Chicken anemie virus CAV-vaccin Eénmalig (tijdens de jeugd)

Wormen Flubenol (uitsluitend ontwormen bij vaststelling van besmetting) Eén keer mestonderzoek bij jonge dieren tijdens de opfok en tweemaal per jaar mestonderzoek bij alle dieren

Pseudo vogelpest Voorenten met Clone 30 en vier weken later de dieren inenten met La Sota Eén keer per jaar (jonge en oudere dieren)


Kweken

Wilde kamhoenders broeden, als ze daartoe de mogelijkheid krijgen, gemakkelijk zelf. In gevangenschap worden toch ook zeer dikwijls wilde kamhoenders in de broedmachine geboren. Hierbij geldt dat men de voor fazantachtige gebruikelijke broedparameters dient te hanteren.

De opfok van de jonge kuikens gaat vrij gemakkelijk, tenminste als men niet met ziekten te maken krijgt. Vooral de eerste maanden kunnen courante ziekten of parasieten zoals ondermeer coccidiose voor een grote uitval zorgen. Goede voeding, goede hygiëne en ziektepreventie zijn dan ook van groot belang

Wilde kamhoenders worden geboren met duidelijk zichtbare vleugelpennen. Bij natuurbroed gebeurt het dan ook vaak dat de hen reeds na enkele dagen met de kuikens op stok gaat. De kuikens hebben dan al een redelijk vliegvermogen.


 Bijzonderheden

Orde: Galliformes

Familie: Phasianidae

Genus: Gallus

Dat de Gele Kamhoenders een bijdrage hebben geleverd aan het DNA van onze huishoenders is nergens in de wetenschap gesignaleerd.

De gele kamhoenders kunnen zonder veel moeite (in tegenspraak met sommige vroegere ornithologen) wel gekruist worden met huishoenders en rode en grijze kamhoenders.  Bovendien levert dit ook vruchtbare nakomelingen op. 

De attractieve vedertooi kan kippenkwekers misschien wel verleiden om dit uit te proberen en dit zou ook misschien nog wel interessante kennis opleveren.  Maar voorlopig hebben we nog alle energie nodig om soortechte (raszuivere) bestanden vitaal te houden. 

 


Kweekverslag


Foto's


Video's